Werkstress en ongewenst gedrag: hoe herken je PSA?

Werkstress en ongewenst gedrag:

hoe herken je PSA?

Psychosociale arbeidsbelasting (PSA) is een term die je steeds vaker hoort als het gaat over werk en welzijn. Maar wat betekent het precies? En waarom is het zo belangrijk voor zowel werknemers als werkgevers? Sil Kribben, PSA-consulent bij ArboAnders, vertelt over de impact van PSA en hoe je ermee omgaat.

Wat is PSA precies?

“PSA verwijst naar de psychische belasting die voortkomt uit werkgerelateerde factoren,” legt Sil uit. “Dit kan gaan om hoge werkdruk en stress, maar ook om ongewenst gedrag op de werkvloer, zoals pesten, discriminatie of seksuele intimidatie.” Deze factoren kunnen niet alleen psychische klachten veroorzaken, maar hebben soms ook een fysieke uitwerking.

Ook andersom kan het een effect hebben op het ander. “Stel, je bent timmerman en je breekt je arm,” zegt Sil. “Dan weet je ongeveer wanneer je weer aan het werk kunt. Maar stel dat je herstel niet verloopt zoals verwacht. Na drie maanden heb je nog steeds pijn, je slaapt slecht en je maakt je zorgen over je gezondheid. Dan kunnen er ook psychische klachten ontstaan.”

Onzichtbaar maar belangrijk

Volgens Sil is PSA een thema dat in elke organisatie speelt. “Het is een van de grootste oorzaken van ziekteverzuim. Spanningsklachten zie je nu veel meer dan vroeger. Daarom is het zo’n belangrijk onderwerp, zowel binnen ArboAnders als in het bredere verzuimlandschap.”

Maar PSA raakt niet alleen individuele werknemers, het heeft ook grote gevolgen voor werkgevers. “Wanneer medewerkers last hebben van PSA-klachten, leidt dat niet alleen tot uitval, maar ook tot een lagere productiviteit en een verslechterde werksfeer. Dat kan weer leiden tot méér PSA-klachten bij collega’s,” legt Sil uit. “Werkgevers spelen een cruciale rol in het voorkomen en beheersen van deze klachten. Door een gezonde werkcultuur te creëren, werkdruk goed te verdelen en duidelijke afspraken te maken over wat wel en niet acceptabel is, kunnen ze veel problemen voorkomen.”

Signalen herkennen

Veel signalen van PSA zijn niet direct zichtbaar. “Sommige dingen zie je niet aan de buitenkant,” zegt Sil. “Daar kom je pas achter door met medewerkers in gesprek te gaan.” Dat hoeft niet ingewikkeld te zijn. “Tijdens een teamoverleg kun je bijvoorbeeld vragen: ‘Hoe zit iedereen erbij?’ Bij ArboAnders gebruiken we een diagram waarin medewerkers aangeven hoe ze zich voelen. Dat helpt om snel te zien wie extra ondersteuning nodig heeft.”

Daarnaast is het belangrijk om signalen bij jezelf te herkennen. “Dat zit in een aantal factoren,” vertelt Sil. “Eén daarvan is slaap. Het gaat niet alleen om het aantal uren, maar word je ook uitgerust wakker? Ook kun je het vaak merken aan bijvoorbeeld je vermogen om te plannen: kun je het overzicht nog behouden?”

Het belangrijkste signaal? Sil ziet in zijn werk vaak dat mensen juist de dingen die hen energie geven als eerste laten vallen. “Sporten, een hobby, sociale activiteiten – terwijl dat juist is wat je nodig hebt om je beter te voelen,” vertelt hij. “Mensen focussen zich dan volledig op de verplichtingen. Dan werken ze alleen maar harder en doen ze steeds minder voor zichzelf, waardoor ze juist verder die spiraal in raken.”

Wat kunnen werkgevers doen?

“Een check-in doen met medewerkers is echt belangrijk,” zegt Sil. “Dat kan bijvoorbeeld aan het begin van de week, binnen teams.” Daarnaast speelt de bedrijfscultuur een grote rol. “Practice what you preach. Als je wil dat medewerkers gezond blijven en geen overuren maken, dan moet je dat als werkgever ook niet doen. Geef het goede voorbeeld.”

Duidelijke afspraken binnen de organisatie zijn ook essentieel. “Een veilige werkomgeving creëer je samen. Door vast te leggen wat gewenst en ongewenst gedrag is, weet iedereen waar de grenzen liggen. Dit voorkomt misverstanden en verkleint de kans op situaties zoals ongepaste opmerkingen, pesten of discriminatie.” Verder kan psycho-educatie helpen. “Zorg dat medewerkers leren hoe ze PSA kunnen herkennen en bespreekbaar kunnen maken. Nodig iemand uit om een presentatie of training te geven. Zelfs als er geen problemen lijken te zijn, is preventie belangrijk. Voorkomen is beter dan genezen.”

Wat voor interventies werken, hangt af van de organisatie. “Maatwerk is heel belangrijk,” benadrukt Sil. “Wat werkt in een corporate organisatie, werkt niet per se in een familiebedrijf. Maar psycho-educatie, het goede voorbeeld geven en regelmatig check-ins doen werkt bij elk bedrijf vaak goed.”

Wat kun je zelf doen als je last hebt van PSA?

“Maak het bespreekbaar,” zegt Sil meteen. “Als je werkgever niet weet dat er iets aan de hand is, kan die er ook niets aan doen.” Kan of durf je het gesprek met de werkgever niet aan te gaan? Dan is het ook mogelijk om een gesprek te plannen met de huisarts, een vertrouwenspersoon of een PSA-consulent. “Een gesprek met een PSA-consulent is vertrouwelijk. Je werkgever hoeft niet te weten wat er speelt,” benadrukt Sil.

Als iemand merkt dat hij of zij last krijgt van spanningsklachten, is het belangrijk om op tijd aan de bel te trekken. “Helaas stellen mensen dat vaak uit. Ze denken dat het vanzelf wel goed komt en trekken pas aan de bel als het echt te laat is. Dat is ontzettend zonde.” Wie twijfelt, kan ook zelf al aan de slag met een paar eenvoudige stappen. “Let op je slaap, let op je eetgewoontes en blijf dingen doen die je energie geven,” vertelt Sil.

Een andere tip is schrijven. “Mensen gaan vaak piekeren voor het slapengaan. Schrijf alles wat in je hoofd zit op en probeer het los te laten. Het blijft in dat boekje wel staan. Dat kan helpen om je hoofd leeg te maken,” legt hij uit. Voor de lange termijn is het vervolgens belangrijk om die negatieve gedachten actief uit te dagen. Stel jezelf vragen als: ‘Waarom is het zo erg als deze gedachte realiteit wordt?’ of ‘Helpen deze gedachten mij nu, of zitten ze me juist tegen?’ “Zodra je de gedachten hebt uitgedaagd, kun je helpende gedachten gaan formuleren.”

Soms ligt het probleem niet alleen bij werkdruk, maar bij sociale veiligheid op de werkvloer. “PSA kan ook gaan over discriminatie of pesten,” zegt Sil. “Als dat speelt, trek dan aan de bel bij een vertrouwenspersoon. Helemaal als het gedrag van een directe collega of leidinggevende komt en je daar niet terecht kunt.”

Voorkomen is beter dan genezen

Sil hoopt dat er in de toekomst meer aandacht komt voor preventie. “Als je op tijd aan de bel trekt, hoef je niet in verzuim te raken. Dat is niet alleen beter voor de medewerker, maar ook voor de werkgever.” Daarom is zijn boodschap helder: “Maak het bespreekbaar. Hoe eerder je erbij bent, hoe beter je het kunt voorkomen.”

Wil je zelf kijken naar de psychosociale arbeidsbelasting in jouw bedrijf en hoe je daar het beste mee om kunt springen? Neem dan contact op met ArboAnders via 0513-64 03 98 of info@arboanders.nl en een van onze PSA consulenten kijkt met je mee.

Ervaren hoe wij het verschil maken?

Neem dan vandaag nog contact met ons op.